13.09.2008

Performance Gabriel Rios 10 september 2008




11.09.2008

TOF! Tamino Tiberghien en Papageno Poltéra


Donderdagmiddag in de Beursschouwburg

Twee vroege dertigers die naast hun solocarrière ruimte maken voor kamermuziek: de tijd waarin het kiezen was voor het een of het ander is gelukkig voorbij. Beethovens variaties op een thema van Mozart zijn een speels spel van vraag en antwoord tussen Tamino (een fijne Cédric Tiberghien) en Papageno (heldere, warme klanken van Christian Poltéra). Ging het bij Beethoven om een spel, dan is het bij Debussy bittere ernst: de gebaldheid van zijn Sonate voor cello en piano vormt een enorme uitdaging. Een eerste dramatisch hoogtepunt komt er al heel vroeg maar het duurt wat voor we Tiberghien en Poltéra ook samen tot hun muzikaal hoogtepunt horen komen. Wat hen vervolgens zeer goed lukt: met respect voor elkaar nemen ze het juiste volume in voor de rol die hen is toebedeeld. Op intelligente wijze verklanken ze de Debussy’s droefheid, terwijl bij Kurt Weill – zijn jeugdige sonate is dé verrassing van het programma – het echte spelplezier losbarst. Alert spelen piano en cello op elkaar in en vloeien de klanken samen zoals dat in de beste kamermuziek moet gebeuren. L. V.



10.09.2008

BOF! Een stuurloze klankenkapitein


Ergo Phizmiz, gisteravond in de Beursschouwburg

De verwachtingen vooraf waren hooggespannen, en dan wil het wel eens tegenvallen. Zijn reputatie van geniale gek was producer en geluidskunstenaar Ergo Phizmiz immers voorafgegaan, en een passend bombastische neo-orkestrale intro leek meteen de toon te zetten voor een liveset vol vranke muzikale ironie. Mooi niet dus. Phizmiz verdronk eigenhandig zijn ingenieuze vondsten en slimme stijlbruggetjes in een overvloed van slecht gedoseerde gimmicks. Scratchen op een ukelele of wat in claxons knijpen is leuk… voor even. Phizmiz had zich dan ook beter wat meer geconcentreerd op het geven van een concert en minder op het brengen van een performance of stand-upcomedy. Want dat de man wel degelijk voeling heeft voor muziek en best wel iets aankan met ongerijmdheden, liet hij tijdens zijn optreden wel blijken. De ritmewissels gingen van hyperjachtig tot een trage melopee, zijn donkere triphop klonk best pittig en ook uit zijn songs bleek schrijftalent. Van gespeeld smartvolle postrock tot een unplugged kinderrijmpje over een met de nek aangekeken groene olifant (tja, wat wil je, als ze allemaal roze zijn). De nonsensicale teksten brulde, wauwelde of croonde hij met regelmaat door een megafoon, tot in het fake Portugees toe. ‘Het was dan ook om te lachen’, maar met iets meer zelfdiscipline en dosering was het wel een beter concert geworden. G. B.



Belazer de boel niet!


“Never, ever, cheat.” Zo citeerde de grote, Turkse pianist Idil Biret haar leermeesteres Nadia Boulanger, toen ik haar pas enkele dagen geleden interviewde. U heeft het geluk Biret tijdens het laatste middagconcert van deze festivaleditie aan het werk te horen. Het Engelse ‘to cheat’ betekent vals spelen, niet valsspelen. Boulanger bedoelde niet dat een pianist geen fouten mag maken, maar dat hij niks in het partituur mag veranderen en naar zijn hand zetten, gewoon omdat het moeilijk, onhandig of riskant is, of anderszins te veel van zenuwen of studietijd zou vergen. Er wordt veel ‘gecheat’ in pianoland.

‘To cheat’ kan ook moreel zwaarwichtiger zijn en ‘bedriegen’ betekenen. Wie een beetje weet waarvoor Boulanger stond, beseft dat haar genoemde uitspraak het pianistieke beroepsethos overstijgt. Belazer de boel niet. Speel uiteraard wat er staat, of onderneem een ernstige poging daartoe, maar wees ook eerlijk. Heb wat te vertellen. Koketteer niet met je talent ten koste van de binnenkant van wat de componist probeert uit te drukken. Mors niet met de kwetsbaarheid die een artistieke uiting altijd kenmerkt. Schumann had daar een eigen taal voor: wees handlangers van David (Davidsbündler), geen filisters. Daartoe nodigt Il Giardino Armonico je vanavond.

(Rudy Tambuyser, Knack-recensent)



09.09.2008

TOF! Onheilspellende sferen en fluweelzachte vervoering


Maandagavond in de Beurschouwburg
Joodse muziek in de Beursschouwburg? Wie op zoek was naar sektarische geneugten voor ingewijden of de klezmerklanken waar de Beurs vroeger in grossierde, was eraan voor de moeite. Want behalve de afkomst van de muzikanten en een woordje Hebreeuws links of rechts was er weinig of niets ‘joods’ aan dit concert. Winter Family nam bezit van het podium en het belendende café met bevreemdende teksten, gebracht in een mengeling van zang en declamatie, en de McCoy Tyner-achtige ritmische patronen van een pianist die soms overschakelde op bezwerend harmonium. Nu eens lieflijk, dan weer dreigend, maar altijd van een schroeiende intensiteit. Nadien verkasten we naar de Gouden Zaal voor een kennismaking met Ziv Braha. Zonder een woord te zeggen begon de boomlange luitspeler met handen als kolenschoppen aan een bloedstollend Bach-recital. Na het luidruchtige vertrek van enkele verdwaalde concertgangers, duidelijk niet opgewassen tegen zoveel intimistische verfijning, ging de stoïcijnse reus onverdroten voort met de moedwillige betovering van achterblijvers. Met een minzame glimlach stuurde hij ons uitgeteld de nacht in. (GdH)



08.09.2008

TOF - Le ténor Bellucci dévore le Beurs - Ce lundi midi, au Beursschouwburg


L’introduction de madame Klara était souveraine : en quelques minutes, on sut tout sur Liszt, sur Le Trouvère, sur Rigoletto, sur La Norma, on comprit aussi que, malgré l’élévation de Après une lecture du Dante, deux paraphrases et une réminiscence allaient peser de tout leur poids… Treize ans ont passés depuis que Giovanni Bellucci a reçu le 3e prix du Concours Reine Elisabeth, le bel Italien a bien perdu quelques cheveux mais rien de sa fougue, ni de sa dégaine aristocratique (et un peu sombre), ni de sa prodigieuse virtuosité. Pour aborder ce répertoire transversal allant du poétique (voire du mystique) à l’épique (voire à l’anecdotique), il a tous les moyens : puissance, aisance, sens infini de la couleur (sans laquelle rien, dans Liszt, n’est possible), culture, engagement… Et cette relation passionnée avec le piano, qu’il lui arrive d’embrasser, littéralement, tout en faisant vrombir ses redoutables basses. Mais la salle était trop petite pour répondre à pareil géant, et le temps trop court, et ce n’est pas faire insulte à Liszt, ni à Bellucci, que d’exprimer une réserve sur la lourdeur du programme. Merci les ballons bleus… MDM



05.09.2008

TOF! Prosseda, repêché par le contrpoint - La Late Night de jeudi, au Beursschouwburg


Après Andrea Belfi mercredi, Gianni Gebbia allait encore plus loin dans les expérimentations. Armé d’un saxophone dont il révèle toutes les possibilités sonores – de la hanche à la colonne d’air, en passant par le cliquetis des clés –, Gebbia s’engouffre dans le maelström de son compère. Celui-ci joue un thérémine d’un nouveau genre, sorte de générateur de sons dont il manie du mouvement des bras et des mains le déclenchement, l’intensité et le rythme. C’est brut, imprévisible et déjanté, mais on écoute, parfois le sourire aux lèvres lorsque Gebbia joue au mime Marceau et anime un gant de chirurgie qu’il gonfle à l’embouchure de son instrument… Puis on est allé réécouter celui qu’on avait descendu la veille à la kalachnikov. Et, surprise, Roberto Prosseda s’était entretemps défait de ses afféteries si préjudiciables à Chopin pour investir, en alternance, le contrepoint de Mendelssohn et du contemporain italien Aldo Clementi. Le son est là, la direction aussi, et ce raffinement sonore propre au pianiste qui colore les trompe-l’œil du compositeur italien. Mais pourquoi diable Prosseda ne voit-il rien de Bach dans Chopin ? X. F.



TOF! Les Danel s’imposent en classiques - Jeudi soir au Beursschouwburg


Les Danel nous ont tellement habitués à la musique d’aujourd’hui, qu’on aurait presque oublié qu’ils font du grand répertoire un préalable obligé. Hier soir, au Beursschouwburg, c’était surtout l’occasion de les surprendre à leur meilleur niveau, installant d’emblée dans le Rosamunde de Schubert leur sens de l’équilibre et des couleurs, et cette respiration commune à partir de laquelle ils sculptent patiemment l’enchaînement des phrasés. C’est peut-être sur ce point qu’ils se sont montré les plus remarquables, donnant à l’ensemble du développement une grande intelligibilité. Rien d’appliqué au demeurant, et une joie communicative à nous présenter ou à revenir aux thèmes qui leur servent d’argument. On s’émeut pour les couleurs en demi-teinte du Crisantemi de Puccini avant de s’engouffrer dans le plat de résistance de l’Opus 132 de Beethoven. Romain Rolland voyait dans ses premières mesures « l’énigme posée par le Sphinx au nouvel Œdipe ». Les Danel ne se soustraient pas à la question, mettant à contribution leur plasticité, leur fougue et leur pouvoir de conviction. Ce n’est pas sans rencontrer quelques incertitudes passagères qui les privent d’un dialogue avec les dieux. Mais Thèbes est bien sauvée ! X. F.



02.09.2008

TOF!Sporza Musica van zondag 31 augustus


Jonge sportieve fan“Het is de bedoeling dat de Chi gaat stromen.” Onder de zengende middagzon, in het weidse park Drie fonteinen in Vilvoorde trok de tai-chileraar Sporza Musica op gang. Een tiental mensen voerde bewegingen uit op de trage klanken van een cellosuite van Bach, gespeeld door Martin Fernandez. Véél Bach hoor je in het prachtige park met zijn oude bomen. En Hindemith tussen het kreupelhout: om lyrisch van te worden. Wat een heerlijk idee om in zo’n kader cultuur, natuur en sport te laten samenvloeien. Het warme weer bepaalde het ritme van de sporters: hoewel tijdens de spinning ophitsende klanken uit de luidsprekers schalden, was duidelijk hoeveel moeite het kostte om het ritme van de symfonische medley te volgen. Lopen, voetballen, touwtrekken: deze muzikale sportnamiddag bood voor elk wat wils.